Inzet dieren bij therapie of coaching, pas op voor kwakzalvers!

Paarden worden ingezet om het gedrag van cliënten te leren ­begrijpen, honden helpen mensen hun emoties te leren uiten, de lichaamswarmte van ezels leert patiënten ontspannen, en dolfijnen brengen kinderen met autisme communicatievaardigheden bij – althans, dat zijn de claims. Bewijs is er helaas nog maar weinig.

Ja er is wel bewijs voor de blindengeleidehond bijvoorbeeld. Of honden die mensen met diabetes waarschuwen voor een hypo of hyper. Maar dieren die worden ingezet bij therapie of coaching, dat is van een andere orde.

In Trouw zegt Marie-José Enders-Slegers, bijzonder hoogleraar antrozoölogie, te geloven in het nut van therapie met dieren. Therapie of coaching met dieren is volgens Enders mogelijk met gedomesticeerde diersoorten, zoals paarden, honden, katten en ezels, op voorwaarde dat er kennis is over het dier. “Maar niet elke situatie of elk dier is bij elke patiënt effectief. Er zijn ook mensen, bijvoorbeeld met angst of allergieën, die per saldo meer baat zullen hebben bij praattherapie.” Therapie met dolfijnen is verboden.

Ze waarschuwt voor wildgroei. Er zijn te veel ‘therapeuten’ die zonder juiste papieren aan de slag gaan. Enders: “Veel van de zevenhonderd aanbieders hebben geen Big-registratie en zijn dus niet gekwalificeerd om therapie te geven.” De aanbieders zijn van zeer diverse pluimage.  Onder hen zijn  psychologen (Enders: “Niet zoveel”) maar ook coaches, jeugdzorgverleners of sociaal werkers. “Bij velen is het raden naar hun achtergrond en opleiding.”

Lees het hele artikel in Trouw

Volwassenen met Autisme hard geraakt door coronacrisis

In het onderzoek is niet gezocht naar een overlap met bijvoorbeeld HSP of eenzaamheid, want dit zijn geen aandoeningen die in de DSM-5 zijn opgenomen.

Gemiddeld genomen ervaren volwassenen met autisme meer stress door het veranderen van hun dagelijkse routines als gevolg van de pandemie (zoals werkgerelateerde veranderingen en het verlies van activiteiten buitenshuis) dan neurotypische volwassenen. Aan de andere kant zijn zij verlost van bepaalde sociale verplichtingen die stress veroorzaken, zoals verplichte afspraken of feestjes, onverwacht bezoek of vreemden die te dichtbij komen”, blijkt uit onderzoek van Universiteit Gent.

Aan het onderzoek van de Universiteit deden  839 mensen uit Nederland, België en het Verenigd Koninkrijk mee. Vooral boodschappen doen en het zorgen voor huisdieren bezorgt volwassenen met autisme veel stress. 

De social distancing-regel creëert specifiek voor volwassenen met autisme nieuwe moeilijkheden. Zo bemoeilijken gezichtsmaskers het lezen van gezichtsuitdrukkingen. Daarnaast ervaren ze communicatie via videogesprekken als ingewikkeld. Reacties op de open vragen lieten echter duidelijk zien dat volwassenen met autisme niet minder behoefte hebben aan sociaal contact dan volwassenen zonder autisme. Ze gaven in het onderzoek aan gewoonlijk al vaker eenzaamheid en sociale isolatie te ervaren. 

Lees het hele artikel op: Innovationorgins

Wie kraakt de code “Autisme”?

Rubix puzzel
Code Autisme

Autisme is genetisch (nog) niet te voorspellen. Er zijn wel een tweehonderdtal risicogenen bekend, maar geen enkel gen is 100% in staat om Autisme te voorspellen. Onderzoekers gaan er dan ook van uit dat het autisme-gen niet bestaat. Toch blijft een team van artsen, psychologen, ingenieurs en genetici van het UZ Leuven proberen om “de code van Autisme” te kraken.

Autisme is een ontwikkelingsstoornis die doorgaans onregelmatig verloopt. Soms blijven kenmerken lang sluimeren om op een bepaalde leeftijd toch door te breken. Soms lijkt een kind al op de leeftijd van een paar maanden duidelijk autistische kenmerken te vertonen, maar vlakt dat weer af en blijkt het gezond.

Autisme is pas in 1943 wetenschappelijk beschreven. Het is een gedragsprobleem dat zich uit in moeilijkheden met communicatie en in het sociaal verkeer. Sommige onderzoekers denken dat het auti-brein anders geconnecteerd is, wat de overgevoeligheid voor prikkels zou kunnen verklaren. Een andere veronderstelling is dat de hersenen van mensen met autisme anders reageren op sociale interactie. Menselijke interactie en oogcontact activeren normaal gezien ‘beloningssystemen’ in het brein, en dat maakt van de mens een sociaal dier. Bij mensen met autisme zou dat niet zo zijn, waardoor ze minder geneigd zijn dat contact op te zoeken.

Onderzoekers kunnen op dit moment niet naar een stel hersenen kijken en vaststellen: dit is een auti-brein, of niet. In de hersenactiviteit van patiënten zijn veel overeenkomsten, maar ook verschillen. Wetenschappers zien ook overeenkomsten met de hersenen van mensen die lijden aan ADHD, maar die gelden dan weer niet voor alle mensen met autisme.

De vaststelling dat de aandoening vaker voorkomt bij verwanten deed wetenschappers lang hopen op de vondst van ‘het auti-gen’. De jacht op een biomarker, een onweerlegbaar biologisch bewijs dat iemand een bepaalde aandoening heeft, is in volle gang voor heel wat mentale aandoeningen, van burn-out tot depressie. Toch zijn de meeste onderzoekers sceptisch over het resultaat van die moeizame en vaak technisch complexe zoektocht.

Lees het volledige artikel op detijd.be

Of je spruitjes lust, of Autisme hebt …

Spruitjes

Er wordt veel onderzoek gedaan naar vroeg diagnostiek bij Autisme. We hebben hier op Autypisch al vele onderzoeken voorbij zien komen. Het nieuwste onderzoek komt uit Rotterdam. Volgens de onderzoekers hebben kinderen met Autisme een overgevoeligheid in de mond, waardoor zij moeilijker leren eten dan hun leeftijdsgenootjes.

Overgevoeligheid is sowieso een kenmerk van Autisme. En overgevoeligheid komt ook voor in de mond, bijvoorbeeld bij uitgesproken smaken of texturen. Veel mensen vinden oesters walgelijk slijmerig, anderen hebben dat al bij rauwe tomaten. Dat is op zich niet erg, maar als jij van veel soorten voedsel een kokhalsreactie krijgt, ben je wel beperkt in wat je kunt eten.

Hoe het eetgedrag bij kinderen met Autisme zich ontwikkelt, en of het net als bij andere kinderen vanzelf minder wordt, is nog onduidelijk. Bron: Trouw.nl

“Snuifresponse” kan een indicator zijn van een autismespectrumstoornis

Autypisch brengt wetenschappelijk
nieuws over autisme.

Kinderen met autisme hebben een aantoonbaar andere snuifrespons dan neurotypische mensen. Volgens onderzoeker Liron Rozenkrantz, een promovendus aan het Weizmann Institute of Science in Rehovot inIsraël, snuffelden kinderen met autisme gelijk, ongeacht of de geur aangenaam of onaangenaam was, terwijl neurotypische mensen intenser snuffelen aan aangename geuren en beduidend minder aan onaangename geuren.

Nu kan autisme en de ernst ervan, met betekenisvolle nauwkeurigheid, binnen minder dan 10 minuten worden vastgesteld met behulp van een test die volledig non-verbaal is en waarbij geen taak hoeft worden uitgevoerd.

Althans dat stelt onderzoeker Noam Sobel, PhD, van het Weizmann Institute of Science, in een persbericht. “Dit wekt de hoop dat deze bevindingen de basis zouden kunnen vormen voor de ontwikkeling van een diagnostisch hulpmiddel dat al heel vroeg kan worden toegepast, zoals bij peuters van slechts een paar maanden oud. Een dergelijke vroege diagnose zou een effectievere interventie mogelijk maken. 

Deze eenvoudige snuiftest lijkt ook aan het licht te brengen of comateuze patiënten nog een minimale vorm van bewustzijn hebben. Als ze reageren op de geur van shampoo of rotte vis, is er een grotere kans dat ze nog minimaal bewust zijn, zullen overleven en ontwaken uit hun coma. Lees en luister hier meer over bij NPO Radio 1.

Brandpunt+ Autisme als verborgen goudmijn

KRONCRV: Autisme als verborgen goudmijn

Zo’n 170.000 Nederlanders hebben een vorm van autisme. Ruim de helft daarvan (54%) zit werkloos thuis, ondanks dat ze vaak unieke talenten hebben. De sociale uitdagingen in de school- en werkomgeving zijn vaak te groot, waardoor autistische jongeren vaak niet aan de bak komen of ver onder hun niveau werken. Maar in onze steeds digitalere wereld wordt hun capaciteit meer en meer herkend en benut.

‘Een echt goede ICT’er moet haast wel iemand zijn met een vorm van autisme’, zegt Frans de Bie, oprichter en directeur van opleidingsinstutuut IT-Vitae, dat zich specialiseert in het opleiden van hoogbegaafde autisten. De kracht van autisme wordt meer en meer herkend en benut. Zo werkt een aantal studenten van IT-Vitae inmiddels bijvoorbeeld bij de High Tech Crime-afdeling van de Nationale Politie.

Ervaringsdeskundige Judith kijkt “door het oog van een Autist”

Judith schrijft op haar Youtube kanaal: “Mijn video’s’ beginnen met vroeger en het klimt op naar het heden. In mijn video’s leg ik jullie uit hoe het voor mij als kind was. Aangezien ik nog heel veel weet leg ik jullie uit waar ik tegen aan liep bijvoorbeeld: De scholen die ik heb gevolgd, vakanties, pubertijd, kinder en jeugd psychiatrie. Maar ook echt de autistische dingen. Er komen ook aparte afleveringen over fiebs, dwangmatigheden en tics, hoe een rouwproces voor mij werkt, emotie blindheid, angsten en nog heel veel meer!”

Bekijk het hele kanaal hier.

De emotionele problemen van autistische kinderen kunnen aanhouden tot in de jonge volwassenheid

Autypisch

Een onderzoek dat 126 autistische mensen in Engeland volgde vanaf hun jonge leeftijd tot 23 jaar, vond weinig verbetering in hun gedrags- en emotionele problemen. Kinderen met autisme hebben meer kans dan hun neurotypische leeftijdsgenoten om emotionele en gedragsproblemen te hebben. Eerdere studies schatten dat tot 84 procent van deze kinderen angstig is en tot 47 procent depressief is . Overal voldoet 30 tot 80 procent van de kinderen met autisme ook aan de criteria voor aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (ADHD).

De onderzoekers meldden eerder dat 70 procent van de autistische kinderen van 10 tot 12 jaar aanvullende psychiatrische en gedragsstoornissen heeft. Het nieuwe werk laat zien dat de emotionele en gedragskenmerken van deze kinderen  in de vroege volwassenheid slechts licht verbeteren.

De resultaten moeten worden bevestigd, maar ze kunnen belangrijk zijn. Deze resultaten zijn in maart gepubliceerd in Autism .